Welkom in groep 2

We werken in de onderbouw met thema’s, binnen deze thema’s komen alle ontwikkelingsgebieden aan bod. Doelen tijdens een thema komen vanuit het BOSOS-observatiesysteem.

 

We vergroten zoveel mogelijk het zelfstandig werken, het stoplicht en het planbord helpen de kinderen hierbij. Op de Triangel werken we zoveel mogelijk met vaste routines om ons onderwijs duidelijk te maken voor de kinderen, hier beginnen we al mee in groep 1 en in groep 2 wordt het voortgezet en uitgebreid.

 

Coöperatief leren is een werkvorm die we passend bij de kleuters inzetten, samen leren is een belangrijk onderdeel van de dag. Hierbij werken de leerlingen samen in kleine groepen of tweetallen, volgens specifieke stappen. De werkvormen zijn zo opgezet dat elke leerling evenveel inbreng heeft. De leerlingen hebben elkaar ook nodig om de opdracht goed uit te kunnen voeren. Er zijn regelmatig gesprekken met de ouders om de ontwikkeling te bespreken en eventueel extra ondersteuning in te zetten waar nodig.

Eind groep 2 krijgen de oudste kleuters een rapport.

 

Voor de sociale vorming werken we op de Triangel met de Kanjertraining. Hierbij gebruiken we allemaal dezelfde taal om het gewenste en ongewenste gedrag met de kinderen te bespreken. Ook proberen we kinderen woorden te geven om op een goede manier met verschillende situaties om te gaan.

 

Taal

Iedere dag werken de kinderen aan het ontwikkelen van taalvaardigheden.

U kunt hierbij denken aan oefeningen om (letter)klanken te herkennen, het goed kunnen navertellen van een verhaal, het kunnen verdelen van woorden in stukjes of het aan elkaar plakken van losse klanken tot een heel woord. Lettergrepen onderscheiden en weer samenvoegen, maar ook rijmen. De woordenschat wordt uitgebreid en de kinderen kunnen al een langere tijd luisteren naar een verhaal. Aan het einde van groep 2 kennen de kinderen al een hoop letters en beheersen ze de instructiebegrippen van het lezen.

 

Rekenen

De kleuters oefenen veel met tellen, herkennen cijfers, weten de plaats op de getallenlijn, vergelijken hoeveelheden, spiegelen, ordenen en oefenen met de rekenbegrippen.

De kleuters schatten, vergelijken en maken al eenvoudige optelsommen en splitsingen. Ze praten over de dagen, seizoenen, dagdelen, en maken spelenderwijs kennis met lengte, inhoud, omtrek en gewicht.

 

Motoriek

Iedere dag werken de kinderen aan het ontwikkelen van de motorische vaardigheden:

 

· Grove motoriek: balanceren, klimmen, schommelen, zwaaien, koprol maken, springen, hardlopen, mikken, vangen en gooien, tikkertje, bewegen op muziek, balspelen.

· Fijne motoriek: prikken, knippen, scheuren, binnen de lijntjes kleuren, goede potloodgreep, schrijfpatronen overtrekken, schrijfbeweging vanuit de vingers maken.

 

We besteden ook aandacht aan.

Geconcentreerd werken en doorzetten wanneer iets niet direct lukt, contact zoeken met anderen, samen spelen/werken en rekening houden met anderen, emoties van zichzelf en anderen herkennen. Ook gaan ze een duidelijk zelfbeeld ontwikkelen en steeds meer leren om zelfstandig taken uit voeren.